Boetebeding

Vanuit oudsher bestond in de politiek de vrees dat werkgevers werknemers verschillend zouden gaan bestraffen voor dezelfde gedragingen en dat werknemers tegen die willekeur niet, althans onvoldoende waren beschermd. Om die willekeur in te perken is bij wet het boetebeding geregeld.  Feitelijk dient het boetebeding daarmee als bescherming voor de werknemer tegen de werkgever.

Het komt regelmatig voor dat werkgevers in hun arbeidsovereenkomst met nieuwe werknemers eenzijdig een boetebeding opnemen. Voor de werkgever dient het boetebeding alleen ter waarborging dat de werknemers de in de organisatie geldende regels naleven. Het boetebeding kan voor de werkgever dus niet als een gefixeerde schadevergoeding dienen. Wil de werkgever eventuele gelede schade op de werknemer verhalen dan zal hij daarvoor andere wegen moeten bewandelen.  Het is derhalve voor de werkgever niet toegestaan om én de schade op de werknemer te verhalen én een boete te incasseren.

Hoewel het boetebeding een disciplinaire maatregel is die eenzijdig door de werkgevers opgelegd kan worden, betekent dit niet direct dat de werkgever ook geheel vrij is om deze maatregel naar eigen inzicht op te leggen.

Zo zal onder meer, wil sprake zijn van een rechtsgeldig boetebeding, het beding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid in verhouding moeten staan met het vertoonde gedrag van de betreffende werknemer. Ook kan de werkgever niet zomaar naar eigen inzicht de hoogte van de boete bepalen en moet het geïnde bedrag een andere  bestemming hebben dan een persoonlijke gewin voor de werkgever. Bovendien kunnen er vanuit de toepasselijke CAO allerlei aanvullende voorwaarden gesteld worden aan het boetebeding.

Wilt u meer weten over het boetebeding in de arbeidsrelatie dan kunt u contact met ons opnemen. Voor gerelateerde onderwerpen, klik hier.